Vragen? Bel uw huisarts

Welke soorten incontinentie zijn er?

Stressincontinentie

Urineverlies bij ‘druk verhogende momenten’, zoals hoesten of lachen. Over het algemeen geen sterke plasdrang, meestal relatief weinig urineverlies (druppels of scheutjes).

Oorzaak: Vaak is er verlies van steunweefsel onder de urinebuis. Hierdoor is er te weinig ondersteuning van de sluitspier als er extra druk op de blaas komt te staan, zoals bij hoesten of plotselinge houdingsveranderingen. Daardoor kan iemand de plas niet goed ophouden. Ook kan de sluitspier zelf van slechte kwaliteit zijn, of er is sprake van een combinatie van beide.

Urge-incontinentie

Urineverlies na sterke aandrang. U haalt als het ware het toilet niet op tijd.

Oorzaak: Meestal gaat het om een overactieve blaasspier. Al wanneer de blaas zich vult, trekt de blaasspier samen, met urineverlies als gevolg.

Gemengde incontinentie

Combinatie van stressincontinentie en urge-incontinentie.

Overactieve blaas

Heel vaak sterke aandrang tot plassen (meer dan 8x per 24 uur, waarvan minimaal 2 keer ‘s nachts). Dit kan met urineverlies gepaard gaan, maar dat hoeft niet.

Reflex-incontinentie

Urineverlies op extreem onwillekeurige momenten als gevolg van een neurologische aandoening.

Overloopincontinentie

Het hoofdprobleem bij overloopincontinentie is dat de blaas niet goed geleegd kan worden. Daardoor blijft hij overvol. Urineverlies volgt doordat er extra druk komt op de overvolle blaas. Daardoor loopt de blaas als het ware over. Een overloopblaas komt soms voor bij mannen met een goedaardige prostaatvergroting (oudemannenkwaal).

Functionele incontinentie

Functionele incontinentie is het gevolg van geestelijke stoornissen en/of verminderde functie van het bewegingsapparaat (spieren en gewrichten). Daardoor kunt u niet goed ‘uit de voeten’ en daarom bent u soms te laat op het toilet.

Atypische incontinentie

Als er geen duidelijk patroon is in de frequentie en het moment van het urineverlies.

Tips bij plasproblemen

  • Stel het plassen niet te lang uit. Wanneer u steeds wacht tot u de urine bijna niet meer kunt ophouden, kunt u blaasproblemen krijgen.
  • Neem op het toilet een natuurlijke zithouding aan met de voeten vlak op de grond, de benen lichtjes gespreid.
  • Ontspan de bekkenbodemspieren en laat de urine stromen zonder uw buikspieren aan te spannen of te persen. Onderbreek het plassen niet, want dat kan leiden tot resturine in de blaas.
  • Neem rustig de tijd om de blaas volledig te ledigen.
  • Maak uw bekkenbodemspieren sterker door ze regelmatig op te spannen . U kunt controleren hoe de bekkenbodemspieren ontspannen wanneer u eenmaal plots het plassen onderbreekt. Dit is slechts een controlemiddel en geen oefening om incontinentie te voorkomen.
  • Spreid uw vochtinname over de hele dag. Het is belangrijk 1,5 tot 2 liter per dag te drinken, om uitdrogingsverschijnselen, nierproblemen en urineweginfecties te vermijden
  • Drink niet te veel koffie, thee en alcohol. Deze dranken werken vocht-afdrijvend en kunnen de blaaswand irriteren.
  • Maak het toilet gemakkelijker bereikbaar door bijvoorbeeld: een voldoende grote toiletruimte, een bed op aangepaste hoogte zodat u er gemakkelijk uit kan, een goed bereikbare lichtschakelaar, een toilet-verhoger, zodat u gemakkelijker kan gaan zitten of beugels en handgrepen voor extra steun.
  • Kies aangepaste kleding die vlot opengaat, bijvoorbeeld een broek met een rits.

 Informatie over plasadviezen voor mannen en vrouwen klik hier